Post | december 2023 | Kennisbank voor Organisaties | 5 min lezen

Jongeren en vrijwilligerswerk

Voor vrijwilligerswerk gelden dezelfde regels als voor betaald werk voor jongeren onder de 18 jaar. Vrijwilligers onder de 18 jaar behoren in de ARBO-wetgeving tot de kwetsbare groepen en zijn daarom niet uitgezonderd van zowel de arbeidsomstandighedenwet als de Arbeidstijdenwet.


Wat is de minimum leeftijd?

Kinderen tot 16 jaar mogen in principe geen arbeid verrichten. In de Arbeidstijdenwet (externe link) (artikel 3.2) staat dat de ’verantwoordelijke persoon’ er voor moet zorgen dat ’een kind geen arbeid verricht’. In dit geval zijn zowel de werkgevers (ook vrijwilligersorganisaties, aanbieders van stageplekken) als de ouders verantwoordelijk voor het naleven van de regels. De wet noemt een aantal gevallen waarin het verbod van kinderarbeid niet geldt.

Voor jongeren boven de 15 jaar zijn er meer mogelijkheden om werkzaamheden te verrichten, hoewel ook voor hen beperkingen gelden. Toezicht en voorlichting zijn voor álle jongeren onder de 18 jaar noodzakelijk.


Welk werk mogen jongeren onder de 16 jaar doen?

De regels over het soort werk dat jongeren mogen doen, verschilt per leeftijdscategorie:

  • Kinderen vanaf 12 jaar mogen hulparbeid verrichten in het kader van een alternatieve straf.
  • Kinderen vanaf 13 jaar mogen buiten schooltijd lichte, niet-industriële hulparbeid verrichten.
  • Kinderen vanaf 14 jaar mogen buiten schooltijd lichte hulparbeid verrichten die samenhangt met het onderwijs.
  • Kinderen vanaf 15 jaar mogen buiten schooltijd ochtendkranten bezorgen en lichte, niet-industriële arbeid verrichten.


Wat betekent niet-industriële arbeid?

Met ’niet-industriële (hulp)arbeid’ worden hand- en spandiensten bedoeld en geen productiegerichte arbeid. Gevaar voor de gezondheid of veiligheid van de kinderen moet uitgesloten zijn. Licht niet-industrieel werk dat kinderen tot en met 15 jaar mogen doen is bijvoorbeeld:

  • Lichte (hulp)werkzaamheden in een winkel, zoals vakken vullen, het markeren van lege vakken, helpen bij het inpakken, vloer vegen of schoonmaakwerkzaamheden.
  • Lichte (hulp)werkzaamheden in de landbouw, zoals groenten en fruit plukken, lichte oogstwerkzaamheden, het voeren van kleine dieren.
  • (Hulp)werkzaamheden in de horeca, zoals het helpen bij het bedienen, bijvoorbeeld in een snackbar, kantine of restaurant. Als er alcohol wordt geschonken mag een kind niet in het restaurantdeel helpen maar wel in de keuken.
  • (Hulp)werkzaamheden bijvoorbeeld bij een manege, op een camping, in een speeltuin, in een pretpark, in een bowlingcentrum of in een museum.


Op welke tijden en hoe lang mogen jongeren werken?

Ook zijn er regels over op welke tijden jongeren ingezet mogen worden als betaald medewerker, maar ook als vrijwilliger en stagiair. De regels hiervoor verschillen: voor schooldagen gelden andere regels dan voor vrije dagen. Het aantal uren dat zij mogen werken is ook beperkt:

  • Kinderen vanaf 12 jaar mogen tijdens schooldagen niet meer dan 2 uur per dag en maximaal 20 uur per week een werkstraf uitvoeren. In vakanties en op niet-schooldagen mag een 12 jarige maximaal 35 uur per week een werkstraf uitvoeren.
  • Kinderen vanaf 13 jaar mogen tijdens schooldagen niet meer werken dan 2 uur per dag en maximaal 12 uur per week. In vakanties en zaterdagen mag een 13 jarige maximaal 6 á 7 uur per dag of 35 uur per week werken.
  • Kinderen vanaf 14 jaar mogen tijdens schooldagen niet meer werken dan 2 uur per dag en maximaal 12 uur per week. In vakanties en zaterdagen mag een 14 jarige maximaal 6 á 7 uur per dag of 35 uur per week werken. Voor stage gelden andere uren; een 14 jarige mag maximaal 7 uur per dag en 35 uur per week stage lopen.
  • Kinderen vanaf 15 jaar mogen tijdens schooldagen niet meer werken dan 2 uur per dag en maximaal 12 uur per week. In vakanties en zaterdagen mag een 15 jarige maximaal 8 uur per dag of 40 uur per week werken.
  • Jongeren onder de 16 jaar mogen in elk geval niet werken tussen 19.00 uur en 7.00 uur.


Stages 

Jongeren mogen vanaf hun 14de ook stage lopen. Dat mag echter alleen wanneer er een stageovereenkomst is gesloten tussen de school en het bedrijf, of wanneer burgemeester en wethouders een verzoek tot vervangende leerplicht hebben goedgekeurd. Een stageovereenkomst moet ook ondertekend worden door de ouders of verzorgers van het kind. In tegenstelling tot hun leeftijdgenoten mogen zij tijdens een stage ook lichte werkzaamheden doen in een industriële omgeving. In de weken dat het kind stage loopt, mag hij / zij geen ander werk verrichten.


Jongeren van 16 en 17 jaar

Jongeren van 16 en 17 mogen zonder meer werken. Ze mogen langer werken (9 uur per dienst) met een maximum van 45 uur per week (met een gemiddelde van 40 uur per 4 weken). Per 4 weken mag een 16- / 17-jarige overigens niet meer werken dan 160 uur (40 uur gemiddeld per week). Bepaalde werkzaamheden zijn verboden en sommige - risicovolle - werkzaamheden mogen alleen onder deskundig toezicht worden uitgevoerd. Omdat jongeren van 16 en 17 jaar nog (gedeeltelijk) leerplichtig zijn, mag het werk hen niet verhinderen naar school te gaan. Daarom wordt de tijd die zij naar school gaan meegeteld als arbeidstijd. Jongeren van 16 en 17 jaar mogen niet werken tussen 23.00 uur en 6.00 uur.


Bij het inroosteren van de jongere moet rekening worden gehouden met het aantal uren dat de jongere op school doorbrengt. U kunt als werkgever hiervoor bijvoorbeeld het schoolrooster hanteren, maar dit is niet verplicht. U bent ervoor verantwoordelijk dat het totaal van arbeidstijd én schooltijd de maximale arbeidstijd niet overschrijdt. Werkende jongeren van 16 en 17 jaar genieten meer bescherming dan werknemers van 18 jaar en ouder. Ze hebben recht op langere rustperioden, mogen niet s nachts werken, niet overwerken en geen diensten verrichten, waarbij ze opgeroepen kunnen worden (de zogenaamde consignatiediensten).


Gevolgen voor de organisatie  

Vrijwilligers onder de 18 jaar worden binnen het Arbeidsomstandighedenbesluit (externe link), gezien hun beperkte ervaring en deskundigheid, beschouwd als kwetsbare groep voor wie een aantal voorschriften binnen de wet van toepassing blijven. Vrijwilligerswerk waaraan voor jongere vrijwilligers specifieke gevaren verbonden zijn, mag alleen door jongeren gedaan worden onder deskundig toezicht. Ook is de organisatie verplicht aan de leeftijd aangepaste voorlichting te geven over de risico’s van het vrijwilligerswerk binnen de organisatie. Het is niet zo dat organisaties die gebruik maken van vrijwilligers onder de 18 jaar een RI&E moeten maken. Wel zal extra aandacht besteed moeten worden aan de aanpassing van de werkomstandigheden, zodat jongeren veilig kunnen werken. Een aantal werkzaamheden zijn voor jongeren verboden. Het gaat dan om werkzaamheden onder hoge luchtdruk zoals bij duiken, een hoge geluidsbelasting (boven 85dB(A)), schadelijke straling en schadelijke trillingen (zie Veilige arbeidsomstandigheden voor vrijwilligers).


Is er ook een maximum leeftijd?

Leeftijd is de jongste non-discriminatiegrond die in wetgeving is vastgelegd; de Wet gelijke behandeling op grond van leeftijd (WGBL) (externe link) dateert van 1 mei 2004. Volgens de WGBL is discriminatie op grond van leeftijd verboden bij het aanbieden van werk. In de WGBL is gekozen voor een ’half open’ systeem. Dit houdt in dat onderscheid naar leeftijd naar de in de wet genoemde terreinen arbeid en beroepsonderwijs verboden is, tenzij daarvoor een rechtvaardiging op objectieve gronden bestaat. Welke deze gronden zijn, is - op enkele uitzonderingen na - in de wet open gelaten. De wetgever heeft de beoordeling van wat al dan niet gerechtvaardigd is - en daarmee de uitwerking van de WGBL - bewust overgelaten aan de rechter en de Commissie Gelijke Behandeling.


Er is dus geen wettelijke maximum leeftijdsgrens voor het doen van vrijwilligerswerk. Wel kiezen sommige organisaties om een maximumleeftijd, bijvoorbeeld 80 jaar, in te stellen. Hiervoor gebruiken ze verschillende argumenten zoals dat vrijwilligers niet meer representatief zijn of niet goed kunnen functioneren. Een andere argument is dat verzekeraars leeftijdsgrenzen hanteren. Er is meestal geen objectieve rechtvaardiging voor het hanteren van leeftijdsgrenzen; organisaties beschikken immers over verschillende meetinstrumenten om het functioneren van individuele vrijwilligers te beoordelen.

Deel blogpost